Toeval bestaat niet

  • Gepubliceerd op 17 mei 2015 om 13:34

Het is een geluk dat Yvonne, op weg naar de trein, opeens het schoentje ziet liggen. Terwijl ze bedenkt of ze nog wel tijd heeft, knijpen haar handen al in de handremmen en springt ze van haar fiets. Yvonne buigt zich voorover en pakt het blauwe schoentje. Ze kijkt om zich heen of ze iemand met een klein kind ziet. Daar, net voorbij het station loopt een vrouw achter een kinderwagen.
“Je kind heeft een schoentje verloren,” roept ze al van verre. Maar de vrouw hoort haar niet. Yvonne fietst door tot ze naast de vrouw is. “Het schoentje van je kind. Ik zag het net voor het station liggen.”
Ze kijkt naar de vrouw die gestopt is en haar hoofd naar Yvonne draait.
“Is Jip hem nu al weer verloren?” lacht de vrouw. Yvonne lacht terug en geeft het schoentje. De vrouw buigt zich over de kinderwagen: “Jipperdepip, je schoentje!” Iets in de klank van de stem, maakt dat Yvonne nog eens goed naar het gezicht kijkt.
“Evelien, ben jij het echt?”
“Yvonne! Dat is lang geleden!”
“Hoe is het met je?” zeggen ze tegelijk en schieten dan in de lach.
“Jij eerst!” zegt Yvonne. Ze kijkt even naar de peuter in de kinderwagen. “En wie is dit mooie mannetje?”
“Mijn kleinzoon,” zegt Evelien met een trotse blik naar de peuter. “Van Linda, mijn oudste. We hebben vorige week zijn eerste verjaardag gevierd.”
“Je kleinzoon? Je bent oma?” Nieuwsgierig kijkt Yvonne naar haar vroegere buurmeisje Evelien. Zelf was ze blij geweest om het dorp te ontvluchten toen ze op kamers ging in Amsterdam. Maar Evelien was altijd in Woerden blijven wonen. Ze was er getrouwd met Joost, haar ‘verkering’ van de lagere school. Dat had Yvonne van haar ouders gehoord. Ze waren elkaar in al die jaren nooit meer tegen gekomen.
“Wat ontzettend toevallig dat ik je nu tref, Evelien. Ik ben afgelopen weekend weer hier komen wonen. En nu, de eerste dag dat ik weer ga werken, kom ik jou tegen.”
“Waar werk je, Yvonne?”
“Bij een grote uitgeverij in Amsterdam. Heel leuk werk. Je weet wat een lezer ik was. En dat is mijn trein,” zegt Yvonne, terwijl ze naar de trein knikt die net bij het station aankomt. “Maar dat geeft niet hoor. Ik vind het veel te leuk dat ik jou nu tegen kom.”
Ze praten nog wat over vroeger tot Jip begint te huilen.
“Ach kruimel,” sust Evelien. “Duurt het je te lang?” En met een verontschuldigende blik naar Yvonne zegt ze: “Ik moet weer gaan en jij moet je trein halen. Kom maar een keer koffie drinken. We wonen tegenwoordig in het vroegere huis van mijn ouders.”
Met drie dikke zoenen en de belofte van een snelle koffie nemen ze afscheid. Yvonne fietst naar het station, terwijl ze nog nadenkt over de toevallige ontmoeting. Die Evelien, die is al oma! Hoe anders zijn hun levens gelopen. Ze is zelf nooit getrouwd en heeft geen kinderen. Na al die jaren in de stad was Yvonne toe aan iets heel anders en is ze terug gegaan naar haar geboortedorp.
Haar fiets heeft ze in de stalling gezet en nu staat ze op het station te wachten. In de verte ziet ze de rode jas van Evelien. Yvonne glimlacht. Die koffie gaat ze zeker halen. Het was een goed besluit om terug naar Woerden te gaan.
Dan kijkt ze in de richting van waar haar trein moet komen. Het duurt wel erg lang. Niet veel later klinkt een metalige vrouwenstem over het perron: “In verband met een calamiteit zullen er vandaag geen treinen meer rijden in de richting Amsterdam. Zodra we meer weten, zullen we u informeren.”
De mensen op het perron kijken elkaar aan. Een man met een lijkbleek gezicht kijkt op van zijn mobieltje: “Er is een ongeluk gebeurd bij Breukelen. Twee treinen op elkaar. Dat moet de vorige trein zijn geweest.”
Yvonne zakt neer op het bankje waar ze naast staat. Dat was haar trein. De trein waar ze in zou hebben gezeten als ze Evelien niet was tegengekomen. Als ze het schoentje niet naast het fietspad had zien liggen. Alles had zo maar anders kunnen zijn.

7 Reacties op Toeval bestaat niet

  1. GewoonHiltje schreef:

    Het heeft zo moeten zijn dat zij het schoentje vond. En zoals jij schrijft, alles had zomaar anders kunnen zijn. Hoe vaak gebeurt het ons en hoe zou ons leven er dan uitzien?
    Fijn verhaal om te lezen Selma. Dankjewel 🙂

  2. Ellie Schmitz schreef:

    Een heerlijk verhaal, Selma! Leuk geschreven!

  3. Mies Huibers schreef:

    Mooi verhaal Selma.

  4. Hiljonda Koornstra schreef:

    Wat een heerlijk verhaal,daar mag je me wel elke week op trakteren!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: